25-02-04

KRAKATAU

Onderstaand gedicht staat in Krakatau 25. Het is een soort sample-gedicht waarin ik verwijzingen stop naar vier andere bekende en geliefde gedichten. Bezoekers van deze weblog die ze alle vier kunnen benoemen, mogen daar gerust d.m.v. een reactie op dit bericht mee uitpakken. Ik zal mijn denkbeeldige hoed voor u afnemen. Normaliter ben ik niet dol op het gebruik van fragmenten uit andermans werk, maar de kracht van onderstaand gedicht bestaat erin dat ik met die vier extracten een nieuw stukje 'poëzij' vervaardig dat best gelezen mag worden. Ik doe het ook dermate opvallend opdat niemand mij ooit van plagiaat zou kunnen beschuldigen. Eigenlijk is het een eerbetoon aan de dichters die de gedichten schreven die ten grondslag liggen aan het mijne, en aan de poëzie in het algemeen. Let ook op de schitterende titel, al zeg ik het zelf.
 
In de literatuur wordt alles en iedereen door alles en iedereen beïnvloed, soms bewust, meestal onbewust. Dat schrijft en illustreert Hugo Brems in zijn boek 'De dichter is een koe', een verzameling degelijke essays. Brems is een academicus. Hij schrijft minder met zijn hart en meer met zijn hoofd dan bijvoorbeeld Herman de Coninck. Maar dat mag best. 
 
Overigens moet ik zeggen dat Krakatau een heel mooi tijdschrift geworden is, zowel de inhoud als de vorm. Elk nieuw nummer verschijnt op het tijdstip dat het moet verschijnen, wat van niet alle literaire tijdschriften kan gezegd worden, - kan u zich inbeelden dat u volgende week de krant van vandaag zou ontvangen? - en ik vermoed dat dit het werk is van een prima functionerende redactie. Houden zo, jongens en meisjes!
 
DOOR BLOOT VERSTOORD ZELFBEELD
 
Ik ging naar Bommel om van op de brug 
mezelf te zien, maar in het als vallend
serviesgoed weerspiegelende water zag ik
drijvende meisjes die zo snel hun badpak
uitbliksemden dat ze niet eens heetten of leefden.
 
Hoe ik ook zocht naar mijn eigen beeltenis, ze fleemden
uit wel duizend kelen: “Maar wíj zijn er toch?” En terwijl
het langzaam donker werd op en rond de Bommelse brug,
zwommen onder mij door in het zwarte sop alsmaar
meer en meer blote meisjes op hun rug.

23:53 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

Commentaren

Dirkie! In elk geval 'Zelfportret in vallend serviesgoed' van de ook door mij zeer bewonderde Dirk van B. En natuurlijk 'De moeder de vrouw' van Martinus Nijhoff. En die andere twee weet ik niet. Ik ben wel benieuwd naar die van de blote meisjes.

En ik kom nog eens terug op je log. Als ik er al niet eerder ben geweest.

Gepost door: jnnk | 01-03-04

Nou ... ... als je wat lager leest op mijn log en ook mijn vroeger lichtjes geschifte recensies had gekend, zou je weten dat ik niet zo'n DvB-fan ben, maar 'Zelfportret in vallend serviesgoed' is wel mooi.

Je haalt een 2 op 4. De andere aanwijzingen moet je zoeken in het werk van Nederlandse dichters van mijn generatie, die ik wel zeer bewonder. Ze zijn 'big' in Nederland, Vlaanderen komt nog wel, over 10 jaar of zo. De ene zei me ooit dat hij schrijft als een slak, de andere is iemand die één twee drie een versje uit zijn mouw kan schudden. Daar moet je het mee doen, mijn beste.

Kom nog eens langs, het is hier altijd gezellig.

Gepost door: Philip | 01-03-04

De commentaren zijn gesloten.