23-05-04

KOUDE KAK VLAK VOOR MIDDERNACHT

We zijn ruim een week na de lancering van ‘Inbreng nihil’, een dichtbundel die wis en zeker de wereld niet zal veranderen, daar steek ik mijn hand voor in het vuur. Een dichter die de intentie heeft de wereld te veranderen zouden ze meteen zijn beide handen moeten afhakken, behalve als hij de pech heeft te zijn geboren in een apenland waar ze hun kunstenaars plegen te verminken, onder andere door hen de handen af te hakken. Enfin, als u mijn mening niet wenste te weten over 'geëngageerde poëzie', u kreeg ze toch. 'Geëngageerd', breek me de bek niet open. Enkele decennia geleden werd er nogal wat afgemekkerd over El Salvador. Het ging niet goed in El Salvador. Heeft u de afgelopen vijf jaar nog iets vernomen over dat hele verrekte El Salvador? Het was de tijd van de Koude Oorlog, zegt die term u nog iets? Ach, heerlijke koude oorlog, waarom hebben ze die ooit afgeschaft? Het kleinste kind kon toch weten dat er een andere en veel gevaarlijker vijand de plaats van die koukleumen met hun berenmutsen ging innemen. Waar ik naartoe wil? Wel, ieder zinnig mens weet toch dat het rijke Noorden absoluut wil dat het arme Zuiden het arme Zuiden blijft, alle al dan niet goedbedoelde snoepreisjes van Minister Michel naar onze voormalige kolonie ten spijt? En denk je dat al die geëngageerde bananenrepubliekpoëten willen dat de toestand in hun land verbetert? Ammehoela. Waar gaan die lamstralen anders over schrijven? En de Nobelprijs die die kerels ooit hopen te winnen mag toch niet in gevaar worden gebracht door een plots opflakkerende conjunctuur en betere levensstandaard. Hugo Claus zit al zijn hele leven te wachten op een bloederige burgeroorlog in ons land om daar dan zijn opus magnum over te schrijven, maar tarara, het wil maar niet lukken. Op een gegeven moment heeft hij die hoop min of meer verdrongen en de titel 'Het verdriet van België' dan maar aan een ander boek toegekend. 

Ik dwaal af. Ik had het dus over 'Inbreng nihil', mijn zinloos mooie bundel. De boekhandels zijn bevoorraad, de recensenten slijpen hun pennen, de promotiemachine draait op volle toeren. Ik stond in kranten en sta straks in nog andere kranten; ik kwam op tv, of beter gezegd, mijn bundel kwam op tv, want ikzelf had helaas geen tijd omdat ik net die namiddag een gesprek had met mijn Spaanse vertaler, een zekere senõr Pachico. Nu het daar aanzienlijk beter gaat dan twintig jaar geleden en de geëngageerde dichtbundels en masse naar het containerpark worden afgevoerd, wil hij mijn werk in het gat op de Salvadoraanse markt storten. Ik weet niet goed wat ik van zijn voorstel moet denken. El Salvador, is dat niet wel hele koude kak? Wat met de rest van het Spaanssprekend deel van de wereldbevolking, vroeg ik hem. Na El Salvador richten we onze pijlen op Honduras, antwoordde hij. Woensdagavond komt hij nog eens langs voor een tweede verkennend gesprek. Niettegenstaande ik me enorm geflatteerd voel, kamp ik toch met een onbehaaglijk gevoel. Heel mijn leven al heb ik aan de ophalers van de Broederlijk Delen- en 11.11.11.-enveloppes monopoliegeld meegegeven. Zouden ze dat speelgoedgeld ginder gebruiken? En zo ja, word ik dan niet opgelicht als ze met dat geld mijn bundel aanschaffen? Of zou zoiets net mijn verdiende loon betekenen? Allemaal vragen die ik senõr Pachico nog eens met enige omzichtigheid moet voorleggen.

Alweder dwaal ik af. Morgenochtend laat mijn uitgever een nieuwe lading bundels uit Amsterdam overkomen per supersnelle exprespost, want ik heb er geen een meer. De symbolisch eerste bundel die ik vorige vrijdag uit handen van Paul Rigolle mocht ontvangen, heb ik voor het dubbele van de prijs verkocht aan een man die deze namiddag helemaal uit Schellebelle naar hier kwam gereden om een exemplaar aan te schaffen. ‘Waarom?’ vroeg ik hem. ‘Omdat de winkels vandaag gesloten zijn’, zei hij. Daar kon ik weinig tegen in brengen. Inbreng nihil ging voor één keer helemaal op.

Het is nu zondagavond 23 mei, bijna middernacht. Ik heb me aan het recenseren gezet: de debuutbundels van Maurice Buehler en Joep Kuiper. Jongens, jongens, wat een koude kak is me dat zeg. Als ze dit maar nooit op de Salvadoranen loslaten, dat volk heeft al genoeg geleden.


23:53 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

Commentaren

nochtans Maurice is nochtans een NYMPH-dichter, makker!

Gepost door: Vincent | 24-05-04

Verklaring graag. NYMPH-dichter?
Graag meer uitleg!

Gepost door: anoniem | 03-03-06

De commentaren zijn gesloten.