27-10-04

TUIMELEN

Deze weblog is wat aan het slabakken, en dat terwijl mijn lezersschare alsmaar toeneemt. Waar is de tijd dat de sprankelende stukjes zich hier in ijltempo opvolgden? Is er iets met mij aan de hand, en zo ja, wat? Moe ben ik. Dat is het. Ik ben moe. Ik slaap te weinig. ’s Morgens ben ik heel moe en ’s avonds iets minder, terwijl dat volgens mij andersom hoort te zijn. Gisterenavond had ik zin om languit op de bank te gaan liggen. Ik heb het maar niet gedaan, want het dichtstbijzijnde Fortis-kantoor heeft een zadeldak en dat ligt niet zo lekker. Bovendien heb ik hoogtevrees en leek het me niet zo’n goed idee om het huis te verlaten, want stel je voor dat er plots boze spoken uit het behang opdoemden, dan moest ik toch present zijn om die neer te knuppelen. Dat er in het hele huis geen centimeter behangpapier te bekennen is, moge geen reden zijn om mijn aangeboren alertheid te laten varen. Onderschat spoken niet! Trouwens, behang is niet meer dan een dun laagje papier op een bepleisterde stenen muur, daar komt een spook zo doorheen, en vermits die dubbele bescherming bij mij thuis ontbreekt, kunnen ze nog sneller toeslaan. Een mens zou voor minder zijn nachtrust laten. Was dat wel een goede beslissing, geen pleisterwerk en geen behangpapier? Zorgen, zorgen, moe word ik er van.

Er zijn er die zeggen dat spoken niet bestaan. Kijk, van zo’n tendentieuze prietpraat word ik bijzonder kregelig. Spoken bestaan, een groot deel van hen is zelfs uitermate aardig, in dat opzicht verschillen die vliegende lakens niet veel van het mensenras. Zo’n lief geestje mag bij mij best uit de wanden tevoorschijn komen. Het moet dan allerlei gezelschapsspelletjes met mij spelen, maar mag geen slechte verliezer zijn en niet vals spelen, maar dat doen lieve spookjes niet. Daarnaast moet het voor mij recensie-exemplaren aanvragen bij uitgeverijen, behalve bij WPG. Dat blijf ik doen. Als ik een boek nodig heb van de WPG-groep stuur ik een mail naar ene mevrouw of juffrouw Sandra Gasten, en ’s anderendaags zit dat boek in mijn brievenbus. Soms denk ik wel eens dat Sandra bij mijn brievenbus bivakkeert, of dat ze zich als een spookje door het Vlaamse land beweegt en – je zal het altijd zien – ze heeft altijd net dat boek bij dat ik wens. In elk geval kan dat soort professionalisme mij zeer ontroeren. Meer zelfs, zo’n snelle bestelling staat bijna altijd garant voor een positieve bespreking. Daar kan verandering in komen mocht Joep Kuiper morgen overstappen van Meulenhoff naar WPG-publishers.

Terwijl ik dit schrijf ben ik aan het geeuwen. Ik rek daarbij mijn mond zo ver open dat er net een basketbal in past. Een maatje 5 weliswaar, maar toch een basketbal. Volgende week heb ik een afspraak met mijn uitgevers en redacteur. Ik zie die jongens maar twee à drie keer per jaar, uitgeslapen zijn is dus de boodschap. Waarschijnlijk gaan we praten over mijn nieuwe gedichten. Ik neem hun raadgevingen zeer ter harte, maar de eindbeslissing ligt bij mij. Kerels naar mijn hart. In mijn gedicht ‘Op de uitkijk’ kijk ik door het raam en laat ik mijn hart als een duif over de daken tuimelen. "Duiven tuimelen niet, Philip, in deze context vind ik het niet kunnen," zei Martien, mijn redacteur, toen we in de eindredactiefase zaten. "Tuimelen is een louter dalende beweging, terwijl in jouw gedicht die duif eerst een dak over moet en dan pas kan dalen." Hij tekende het op een blad papier, daarbij ongewild het vooroordeel bevestigend dat Nederlanders menen dat Belgen dom zijn. We zochten naar alternatieven en vonden niks beters. Dedju, dacht ik, en tuimelen bekte zo goed! Plots kreeg ik een geniale inval. "En wat als ik door het raam kijk van vierentwintig hoog, en aan de overkant van de straat staan allemaal van die lage werkmanshuisjes? Kan mijn hart dan als een duif over de daken tuimelen?" Touché, daar had Martien niet van terug. Hij stribbelde nog wat tegen dat hij het een beetje vergezocht vond, at vervolgens zijn tekenblok en potlood op, floot de Brabançonne in de teut van een leeg flesje Jupiler en liet zich interneren.

Tuimelen is het geworden en ik vind het nog altijd het beste woord op de beste plaats. Daar kunnen die 354 lezersbrieven die ik sindsdien ontving en waarin mij soms in onbeschofte taal wordt diets gemaakt dat duiven niet over daken kunnen tuimelen, en de talloze bedreigingen die ik kreeg van de paramilitaire vleugel van het DTN (Duiven Tuimelen Niet-actiecomité) niks aan veranderen.


17:11 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

Commentaren

nikes slecht

Gepost door: james bond | 06-12-04

De commentaren zijn gesloten.