04-07-05

LE SOIR DU TOUR - UTRECHT - 2 JULI 2005

Een weblog is bedoeld als een dagboek. U weet, of weet niet, hoezeer ik een hekel heb aan weblogs die op dagboeken gelijken. Maar af en toe heb ik een plicht te vervullen tegenover jullie, mijn fans van het eerste en vele latere uren, en aan u die misschien voor de eerste keer deze pagina bezoekt. Welkom.

 

De trein had het moeilijk waardoor ik later dan gepland mijn bestemming bereikte. By the way, die nieuwe Nederlandse dubbeldektreinen sucken: geen verluchting, geen zonnewering, bovendeks geen en benedendeks amper ruimte om een tas op te bergen. De lichtstraten kronkelen tegen het plafond terwijl dat volgens mij strak en rechtlijnig had gemoeten net zoals de trein zelve. Maar ja, niemand vraagt mij iets als het over het ontwerpen van treinen gaat.

 

Geen killere wezens dan de meisjes die in een hotel de receptie bemannen. Staat het in hun arbeidscontract vermeld dat ze niet mogen lachen en alleen maar vriendelijk zijn op een doorzichtig onechte manier? Is het niet mogelijk wat trager te praten tegen oren die Vlaams Nederlands gewend zijn? Is het nodig mij met ogen neer te bliksemen als ik vraag waar ik die fucking badge zoal voor nodig heb en wanneer het ontbijt wordt opgediend? Denken ze echt dat ik een uit België afgezakte seriemoordenaar of massaverkrachter ben?

 

Bijna verdwaald in Hoog Catharijne. Even paniek, ik geraak hier nooit meer uit. Voor eeuwig en altijd zal ik rondwaren tussen koffiebars en parfumeries. Me gelukkig net op tijd bevrijd en tot bij de Domtoren gepuft alwaar ik de grote Utrechtse dichter voor het eerst in levende lijve zou ontmoeten. Vermits ik zelf niet al te ver de stad uit kan, ben ik altijd blij eens iemand hier te mogen verwelkomen, zei hij. Zo had ik het nog niet bekeken. 

 

Op naar Le Soir du Tour in Tivoli waar ik werd opgevangen door een punctuele punkster die me meteen gebood me aan mijn tijd te houden. Dan ging het van start. Ik stond geprogrammeerd in het eerste deel van de avond en bracht een verhaal over Koen de Koker. Het publiek, zo'n 140 koppen sterk, bleek heel aandachtig en alert. Ze lachten op de momenten dat ze dat hoorden te doen en zo heb ik het graag. Kenners ook. Toen ik Nico Mattan schertsend de winnaar van de eerste Gent-Wevelgem achter derny's noemde, begrepen ze meteen waar ik het over had. Maar mijn verhaal had misschien nog een ietsepietsie strakker gemoeten. Al bij al tevreden over mijn eerste prozavoordracht ooit.

 

Ik heb niet alle voorlezers en entertainers kunnen aanschouwen, maar neem van me aan dat de zaal genoot. Mensen gezien, teruggezien, voor het eerst gezien. Ik heb niet zo veel sociale contacten en dat maakt het voor mij dubbel prettig, zo'n avondje weglullen tussen podium en pint met gelijkgestemde zielen. Mijn uitgevers waren er ook en zonder daar veel woorden aan vuil te maken, waren we het roerend eens dat het voorplat van mijn derde bundel, die Het ei in mezelf zal heten, een beauty wordt.

 

Omstreeks 1 uur 's nachts nog een kroketje uit de muur gehaald en iemand aanhoudend om een berenlul horen roepen. Verder nog vernomen dat de sportpoëziebloemlezing van Willie Verhegghe dit najaar verschijnt, en dat dit literaire wielerevenement wegens succesvol wel eens herhaald zou kunnen worden op andere podia in Nederland en, wie weet, ook in Vlaanderen. Ik doe zeker weer mee.


21:06 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

De commentaren zijn gesloten.