12-09-05

VAN ALLESWETERS OVER VAN HET REVE TOT DE HOND EN DE HAES

Ik snap niet hoe ze het doen. Ze hebben alles gelezen, missen niets van wat er op hun 'thirteen (sic) channels of shit' ook maar te zien is, weten dat het geciteerde uit een Pink Floyd-song komt, hebben constant muziek opstaan, kennen alle teksten van pakweg de Kaiser Chiefs uit het hoofd, zitten heelder dagen in de kroeg, hebben elk seizoen een ander vriendinnetje waarmee ze drie maal per jaar een halve wereldreis maken, studeren nog, financieren die studies met de inkomsten van drie baantjes (krantenwijk, barman, freelance tekstschrijver) en hebben een mening over alles, en natuurlijk ook ruim de tijd om die meningen te vormen.

 

In het toilet liggen altijd boeken op de grond. Die kunnen daar een hele poos liggen blijven. Soms neem ik een boek mee en laat het daar achter. Arnon Grunberg leest Karel van het Reve. Hoelang ligt deze Rainbow Pocket al aan mijn met broek en slip gedrapeerde voeten? Voor alle duidelijk wil ik vermelden dat er in het toilet een hoekje is waar die boeken perfect in passen. Ze vormen geen belemmering bij het betreden of verlaten van de ruimte en hinderen niet bij het poetsen. Een boekenhoekje, maar wel op de grond. Dat heeft als voordeel dat een boek niet op de grond kan vallen, want het ligt er al. Ik heb vreselijk de pest in als een boek door onhandigheid of welke reden dan ook beschadigd raakt. De vloer is dus een prima plek. Het nadeel is dan weer dat ik wel eens kleine rosse beestjes tussen de pagina's aantref. Daarom laat ik er ook geen boeken slingeren die mij dierbaar zijn. Grunberg leest van het Reve dus. Ik kreeg het boek ooit ongevraagd toegestuurd. De pocket bestaat uit een heel leuke inleiding van Grunberg, onderkoeld grappig zoals hij dat kan en zoals ik het graag heb, gevolgd door een lot gelegenheidsstukjes van van het Reve. Meestal aardig, ook wel eens drammerig, maar dan wel op een sympathieke wijze. Zo is er een stukje waarin hij stelt dat de ouderwetse schoolregel om in een tekst herhalingen te vermijden, en in de plaats passende synoniemen te zoeken, larie is. Parijs, de Franse hoofdstad, de Lichtstad, u kent het wel. Hond, trouwe viervoeter, Woef. Steuntrekker, parasiet, Sacha Blé. Als de lezer merkt dat je je hebt uitgesloofd om synoniemen te zoeken, dan ben je als schrijver het haasje, stelt van het Reve, en gelijk heeft hij. Toilet, de plee, het kleinste kamertje. Een schrijver die het in alle ernst heeft over het kleinste kamertje zou, kop in de pot, even geflusht moeten worden. Verderop in het boekje – ik ben zover nog niet, maar ik heb het wel al snel snel doorbladerd – komt er nog een artikel waarin hij zich afvraagt waarom we Keulen zeggen tegen Köln en Düsseldorf tegen Düsseldorf, terwijl Düsseldorf in het Nederlands gewoon Dusseldorp is. Van dat soort stiff upper lip gezanik ben ik nogal wild. Mits goedgeschreven zijn dergelijke angry young (of old) man-verhaaltjes ronduit leuk. Ik kende het werk van KvhR helemaal niet, en weet je hoe dat komt?

 

Ik lees te weinig.

 

Sinds ik schrijf lees ik te weinig. Vroeger was ik lezer maar geen schrijver. Nu ben ik in de eerste plaats schrijver. Wie schrijft kan niet schrijven en lezen op hetzelfde moment. Ik lees – beroepshalve – vooral poëzie, maar net zoals een pornoacteur zich wel eens met gezonde tegenzin naar de set sleept, zie ik gedichten vreten ook wel eens als werken, zou ik liever in één ruk door het hele oeuvre van Elsschot lezen of opnieuw lezen, of me vastbijten in de broertjes Reve. Of die knakker die onlangs overleed – Louis en nog iets – en in de pers werd voorgesteld als een groot romanschrijver, ik heb nog nooit een boek van hem gelezen. Evengoed hadden ze in het journaal kunnen zeggen dat hij in 1961 wereldkampioen zaklopen werd, ik had het geloofd. Tijd te kort, altijd tijd te kort, ik verbeuzel wel eens tijd, maar killing time is ook iets wat gedaan moet worden. Waar gaat al die tijd naartoe? Ik heb een dagtaak en een gezin enzovoort enzovoort, maar voor de rest weinig besognes of bezigheden. Geen hobby's die mij inpalmen, ik hang niet uitermate veel voor de tv, mijd cafés en huishoudelijke taken. Ik lees geen kranten, pik de headlines mee op teletekst en internet. Ik lees de Humo nog slechts sporadisch. (Humo lezen was ooit een dwangidee. Must read Humo! Must read Humo! Van voor naar achter en van achter naar voor. Ben ik mee gestopt, toen ik het zoveelste Geena Lisa-interview las en me afvroeg waar ik in godsnaam mee bezig was – ja, Coco maakt het goed, hij is rustiger geworden sinds hij mij kent, maar heeft wel nog altijd die zweetvoeten die hij twaalf interviews geleden ook al had, en ja, het liefst van al zou ik altijd zingen – Wel, doe dat dan, trut, en hou die journalisten buiten!)

 

Eigenlijk wilde ik u alleen even wijzen op een boeiend artikel van Leo de Haes, baas van uitgeverij Houtekiet, in de laatste Brakke Hond, zie http://www.brakkehond.be/87/haes1.html.


20:24 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

Commentaren

De Brakke Hond Soms moet ik een dag vrij nemen om alle weblogs eens te lezen, daarnaast probeer ik boeken in de pauze van mijn werk te lezen en 's avonds te schrijven als mijn lief een uur het huis heeft verlaten. De dichter heeft altijd tijdgebrek. Toevallig heb ik gisteren 4 pagina's op De Brakke Hond kunnen lezen. Heerlijk!

Gepost door: Erwin Troost | 14-09-05

broertje dood aan interviews in HUMO Hey Philip

Mooi stukje tekst. Als je hem had opgestuurd naar Plebs dan hadden we hem gepubliceerd en dat zegt toch iets, niet?
HUMO is inderdaad niet meer wat het geweest is. Ook ik ben een beetje afgeknapt op de wildgroei aan interviews.

Gepost door: Bert, Plebejer | 18-09-05

De commentaren zijn gesloten.