08-02-06

HET MEDISCH ONDERZOEK (2)

Ik blaas een mooie curve en voor de rest gebeurt er niks, of wat had u gedacht? Er gebeurt nooit eens iets wat het daglicht mag zien. Nog voor de prik de angel uit een verhaal halen, daarin wil ik mij bekwamen. Is het niet helemaal gelijk het leven zelve? Maar dan wel tienduizend keer minder opwindend. Hoe leit dit kindeken hier in de kou! Ziet eens hoe alle ledekens beven, ziet eens hoe dat het weent en krijt van rouw! Na, na, na, na, na, na, Kindeken teer, ei, zwijg toch stil sus, sus, en krijt niet meer... Is it my imagination or have I finally found something worth living for? I was looking for some action, but all I found was cigarettes and alcohol… Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw, de hemel en de aarde. Maal twee. En zo kun je een verhaal vollullen met flarden lyrics en allerlei flauwekul, en iedereen zal het merken.

 

Wat ik geblazen heb, mag er warempel wezen. Op het einde heb ik niet echt meer doorgedouwd – ik ben geen uitslover – en dat tekent zich duidelijk af op het grafiekje. Duikelend naar de x-as verdwijnt mijn ademtocht onder de lijn voorstellende het spirografische kunnen van de gemiddelde man van 41. Wie is die gemiddelde man van 41, vraag ik me af. Ik vraag het aan mevrouw de verpleegkundige. Weet zij het antwoord? Dat weet ze.

 

"De gemiddelde man van 41 – laten we ons voor het gemak beperken tot Vlaanderen – is voor 77% gehuwd en heeft 2,13 kinderen. Hij doet het naar eigen zeggen 2,7 maal per week met zijn eigen vrouw en 0 maal per week met andere vrouwen. Wishful thinking. In werkelijkheid bedragen die cijfers 0,7 en 0,03. Hij heeft 0,5 huisdier, in de helft van de gevallen is dat een hond. Eén man op vier heeft dus een hond. Dat gelooft toch geen kat, en terecht, want in de meest recente audit is een fout geslopen. De enquêteurs hebben namelijk de schapen, gehouden door bijna uitsluitend allochtone mannen, als hond meegeteld, een blunder van formaat die het Nationaal Instituut voor Statistiek handig heeft weten te maskeren. All well that ends well, denkt een mens dan, maar de DVH – de Dienst voor Hondenbelasting – krijgt, zich baserend op foute statistieken, ineens het akelige vermoeden dat er out there een pak zwarte honden rondlopen, en werft een batterij extra controleurs aan. Waarmee worden die mensen betaald, denkt u, mijnheer Hoorne?"

"Met mijn en uw geld, zuster."

"Exact. Het contrast met de cijfers van de vorige jaren is des te extremer omdat vroeger een poedel wel eens voor een schaap werd gehouden en dus abusievelijk niet geteld. Eén van de voornaamste directieven bij de laatste registratie luidde dan ook: een poedel die op een schaap gelijkt, is en blijft een poedel! En wat denkt u was het gevolg van die richtlijn, mijnheer Hoorne?"

"Overijverige ambtenaren die opeens overal poedels zien?"

"Correct! Overijverige ambtenaren die tot hun verbazing constateren dat ineens heel veel allochtonen zich een poedel hebben aangeschaft. De sociale en culturele integratie komt eindelijk op gang, want onze allochtone medemens schaft steeds vaker typisch westerse huisdieren aan, jubelde de directeur-generaal van het N.I.S. tijdens zijn nieuwjaarsspeech, de stomme kloot."

"Missen is menselijk en mensen zijn misselijk," opper ik.

"Uw mening, maar die vroeg ik niet. De mijne is dat ik niet goed word van dat soort dwaze vergissingen. Soit, we dwalen af… Wat valt er nog te zeggen over de gemiddelde man? Wel, hij scheert zich om de 35 uur en kamt precies één maal per dag zijn haar. Andere cijfers over de persoonlijke hygiëne van de man zijn uit het rapport weggelaten wegens te gênant. De gemiddelde man slaat 3 keer per jaar zijn vrouw, maar wordt zelf 4,4 keer door zijn eega in elkaar getimmerd. SM, spanking en andere potige perversiteiten met wederzijdse toestemming behoren niet tot het onderzoeksdomein, maar partnergeweld, het blijft een groot taboe in onze…"

"Ja ja, 't is al goed," zeg ik. "Qua informatie over de gemiddelde man kan dat volstaan, informatie waar ik niks aan heb overigens, want ik ben wie ik ben en niet van plan om op mijn leeftijd nog te veranderen, zeker niet richting middelmaat."

"That's the spirit, mijnheer Hoorne."

"You name it, sister. I heard it through the grapevine. Oe oe oe oerend hard kwamen zie doar angescheurd. Don't call us, we call you. En als we dood zijn, groeit er gras op onzen buik. Vooruit met de geit, wat is het volgende onderdeel in deze medische tienkamp?" Ik begin me verdorie aardig op mijn gemak te voelen bij deze griet. Ze heeft de uitstraling van een wormstekige sperzieboon. Allicht daarom. Ik wil niks voor deze vrouw betekenen en zij laat mij zo koud als een frigide eskimotinnetje op vakantie aan de Zuidpool.

"O, u heeft nog niet geplast," roept ze uit. "Hier, een plastic bekertje. Niet vol graag, een klein halfje volstaat. Het toilet is achter dat gordijn." Ze wijst naar… o opperste non-consternatie... een gordijn.

Ik heb daarnet nog maar geplast, maar ik ben een zeiker en schijter eerste klas, en dat komt me dit keer goed van pas.

"Zal ik in een tweede potje nog een drolletje draaien, zuster, of is de arbeidsgeneeskunde niet geïnteresseerd in mijn faeces?"

Haar telefoon rinkelt, ze antwoordt niet en schudt het hoofd. Deze dingen gebeuren op hetzelfde moment, maar wel in die volgorde.

 

Ik glijd langs het gordijn het plashokje binnen en wat ik daar zie slaat mij met verstomming. Achter het gordijn staat een levend wezen van op het eerste zicht onbestemd geslacht. Het heeft in zijn handen een baseballknuppel met daarop in grote letters het woord VERSTOMMING. Het heft de knuppel en mept mij keihard in de onderbuik. Het wordt me antraciet voor de ogen, en met 'het' bedoel ik dit keer niet het wezen maar gewoon het lidwoord, moet ik hier echt alles gaan uitleggen, u die deze weblog al langer bezoekt, weet toch wat ik bedoel, wij kennen elkaar toch door en door, of niet? Ik moet mijn explicatie staken want het antraciet is inmiddels gitzwart geworden. Ik zie minaretten, ik zie de Chinese Muur, ik zie een brandende Deense vlag, ik zie Japanners die in een metrostel worden geduwd, ik zie een kangoeroe die uit de buidel van een andere kangoeroe een geldbeugel pikt… dit alles maakt me duidelijk dat ik geheel en al buiten westen ben.

 

(wordt vervolgd)

16:52 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

Commentaren

nog! nog! Dit is werkelijk hilariteit van de bovenste plank!! Goed gebracht, ik zit van begin tot einde op het puntje van mijn lachspieren.
Hou dit een roman vol, alsjeblieft! Vlaanderen - wat zeg ik: de Verenigde Provincieën hebben hier nood aan.

x

Gepost door: X Roelens | 11-02-06

De commentaren zijn gesloten.