11-02-06

HET MEDISCH ONDERZOEK (3)

Als ik ontwaak, blijk ik mij – o surprise surprise – in een ziekenhuis te bevinden. Waarom worden mensen die buiten bewustzijn geraken altijd naar een ziekenhuis en niet naar een kroeg, pretpark of bordeel gebracht? Overal wit: witte muren, witte stoelen, witte tafel, witte apparatuur, witte rozen, witte Cliniclown… Witte Cliniclown?? Hoort die niet thuis op de kinderkankerafdeling?

"Gegroet," zegt de Cliniclown, "ik ben dokter Adriaens."

Dokter Adriaens heeft een varkensneus en boven zijn oren lichtgrijze bossen kroeshaar als ragebollen zo groot. Bovenaan glimmend kaal. Hij draagt een pofbroek en schoenen waarvan de punten omhoog krullen tot bijna tegen de zoom van zijn schort.

"Zo zo…" zegt hij en hij kijkt me indringend aan.

Nu behoor ik een paniekerig gezicht te trekken en te stamelen: waar… ben… ik… ? hoe… gaat het… met me… dokter? Net alsof die dat weet. Waar ik ben wel, hoop ik, maar hoe het met me gaat, afwachten maar. Ik besluit te zwijgen en de dokter aan het woord te laten. Geen insinuerende vragen stellen. Trouwens, nog altijd geloof ik niet echt dat deze Bassie Bleekscheet een arts is. Wacht, ik zal die knakker even aan een kleine test onderwerpen. Na twintig jaar mijn boterham te hebben verdiend in het ziekenfonds, kan ik qua medische lulpraat aardig mijn streng trekken.

"Geef mij eens een synoniem voor het specialisme dat zich bezighoudt met de aandoeningen van neus, keel en oren?" gebied ik hem.

"Otorinolaryngologie. Hoezo?" giechelt hij verbaasd.

Wel wel, een clown die gestudeerd heeft, kijk eens aan.

"Wat is een myomectomie?"

"Een operatieve verwijdering van een myoom van de baarmoeder, hahaha, man toch, waarom wil jij dat allemaal weten? Met jouw baarmoeder is heus alles in orde hoor, want je hebt er geen, hahaha."

Dokter Adriaens heeft een reuzenlol. Hij kletst op zijn dijen van plezier. (Vraagje aan steller dezes: dijen van plezier, wa’s da voor iet?)

"De meeste patiënten willen meteen weten wat er met hen schort, maar jij steekt van wal met een medische quiz, het is eens wat anders… haha… enfin, ter zake, elke dag om acht uur op Canvas, hahaha… ik zal eerlijk met u zijn, mijnheer euh…" Hij kijkt in zijn ordner.

"Hoorne," zeg ik.

"Juist ja, Hoorne. Hoor eens, Hoorne, hahaha, u heeft geluk gehad, vriend."

Dit is het moment waarop zelfs de meest koelbloedige patiënt breekt en de dokter om een stand van zaken smeekt. Maar ik blijf ijzig kalm. Ik heb tijdens het voltrekken van het hierboven beschreven tafereeltje al mijn ledematen een na een lichtjes bewogen, en ik voel niet de minste pijn.

"Ja ja, u heeft waarlijk geluk gehad," herhaalt hij. "In de belendende kamers 203 en 207 zijn vannacht twee moorden gepleegd. U heeft wel een hele goede… euh… engelbewaarder. U zou zich natuurlijk ook… haha… verongelijkt… ha… kunnen voelen… hahaha... omdat de moordenaar u niet … hoho… de moeite waard vond, mijnheer Hoorne. Hahahahahaha!"

Het gebulder van dokter Adriaens werkt zo aanstekelijk dat ik lachtranen moet onderdrukken. Edoch, er valt hier helemaal niks te lachen. Deze pipo scheurt straks in zijn Porsche naar de tennis-, bridge- of golfclub, maar ik, ik lig hier toch maar mooi in het ziekenhuis, diagnose vooralsnog onbekend, en nu zou ik hoera moeten roepen omdat ik nog leef?

Het verhaal van de dubbele moord geeft mij een onbehaaglijk gevoel, maar ik weiger het te geloven. Men heeft mij gewoon per vergissing naar een psychiatrisch ziekenhuis gebracht in plaats van naar een algemeen ziekenhuis, en nu ben ik in een gesprek gewikkeld met de patiënt die iedereen hier kent als Dokter Kwak, de beste vriend van Napoleon. Als er werkelijk mensen zijn vermoord, waarom hoor ik dan geen politiemannen op de gang, sirenes, gegil, huilende familieleden, het geritsel van lijkzakken. En waarom word ik, als mogelijke kroongetuige of verdachte, niet ondervraagd?

"O ja, de commissaris vroeg uw naam en adres. Niet dat ik denk dat hij met u wil daten, haha, hij zag er maar een ietsepietsie homofiel uit, hihi, ik wist niet dat de nieuwe politieuniformen roze waren, hahaha. Maar goed, alle gekheid op een beenprothese, laten we het even over u hebben, die dooien komen heus wel goed terecht, hahaha. U heeft tonnen geluk gehad, mijnheer Hoorne. Ten gevolge van uw accidentje zijn uw… haha… patatjes… en uw Willy Wortel… hoho… een beetje gezwollen, maar dat komt allemaal wel weer dik in orde. Het had erger kunnen zijn. Maar medisch en statistisch gezien moet ik u toch verbieden om de komende twee à drie weken … euh… hahaha… gemiddeld 2,7 maal per week Grieks-Romeins te worstelen… hihi… maar… en u heeft nog meer chance… in werkelijkheid zal die 2,7 keer slechts…."

"… 0,7 keer bedragen," vul ik aan.

"Euh… neen, 0,73… u vergeet… laat maar zitten… hahaha… het zijn niet mijn zaken wat u al dan niet uitvreet in uw vrije tijd, zolang u hier maar uw handen onder de lakens houdt, hahaha. In elk geval, deze jongen moet er vandoor. Vermits ik vandaag twee patiënten minder moet bezoeken, heb ik eindelijk weer eens tijd om te gaan golfen. Ik moet een beetje aan mijn handicap werken. Weet je wat hier zo… haha… grappig aan is. Mijn vaste golfpartner, een ex-patiënt van mij, moet… haha… niet meer aan zijn handicap werken. En weet je waarom?"

"Betere speler dan u?" gok ik.

"Haha… bijlange niet… Michel kan nog geen ei kapotslaan. Mijn golfmaat… hahaha… zit in een karreke. Mijn eerste medische fout! Tweede Kerstdag 1989, alsof het de dag van gisteren was. Daar ben je als dokter best trots op, op je eerste medische fout. Maar het went, zoals alles in het leven. Dokters zonder medische fouten worden door hun collega's niet voor vol aanzien. Ze hebben weinig patiënten, een zee van vrije tijd, maar geen geld voor een lidkaart van de golfclub. In de hedendaagse jongerencultuur bestaat er een mooi woord voor dat slag volk: loezers. Meestal zijn ze zelf ook nog jong, onderdanig en baardloos – vooral de dokteresjes, haha – tot ze op een dag te weten komen wat ze moeten doen om erbij te horen. Allez, dit is eigenlijk niet om te lachen. Mijn verzekering heeft zwaar betaald voor Michel... en mijn premie flink verhoogd, de bloedzuigers. Ik heb hem voor zijn verjaardag een lidkaart van mijn golfclub cadeau gedaan, want weet u, ik ben nog de slechtste niet. O ja, om twee uur mag u naar huis. De hoofdverpleegster zal u een zalfke meegeven om uw klokkenspel mee op te blinken... haha. Als er binnenkort ergens een anonieme flasher opduikt, dan weet ik dat u het bent. Hahaha. Flashen, je weet wel, heeft u hem… hahahaha?"

Dokter Kwak zal zich ooit nog doodlachen, tenzij ik hem hier nu stante pede vermoord, verdomme! Schrijver van dit verhaal, voer dit personage af a.u.b. en laat het nooit meer terugkomen.

"Prettige dag, verder, mijnheer Hoorne. Controleraadpleging over twee weken. Hier heb je mijn kaartje. Bel mijn secretaresse om een afspraak te maken, of maak er straks één voor u vertrekt, dan moet u er niet meer aan denken. Behalve over twee weken natuurlijk, hahaha."

 

(wordt vervolgd)

14:51 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

De commentaren zijn gesloten.