09-07-07

HET VLEES IS HAAR - NOG 81 DAGEN

Je zult het altijd zien dat je op donderdag de eerste zege van Justine Henin op Wimbledon al een beetje preventief viert, en dat ze op vrijdag, geheel tegen de verwachtingen in, wordt uitgeschakeld. En toch blijft het kunst wat ze doet. Dat geldt trouwens evenzeer voor wat Roger Federer zoal op de court tovert. Een groot kampioen, een groot mens en inderdaad, een kopie van de al even grote Björn Borg.

 

Zaterdag was ik te gast op een wieleravond in Nijmegen, een organisatie van het verbluffend professionele Wintertuin. Ik las er fragmenten uit verhalen die verschenen in het wielertijdschrift De Muur, en mocht dan in een paneltje met onder andere Peter Winnen nog wat meekwekken over de koers vroeger en nu. Het talrijke publiek, gewillig, aandachtig en dankbaar, kon mijn ironische en bijwijlen kolderieke kijk op de koers en haar protagonisten wel smaken.

 

Dat brengt mij naadloos tot bij mijn prozadebuut Het vlees is haar, dat op 28 september verschijnt. Yep, ik zal die titel, Het vlees is haar, de komende weken vaak droppen. Ik kan nu eenmaal niet rekenen op een geoliede publiciteitsmachine en moet de reclame voor Het vlees is haar zelf verzorgen. Via mijn medium, dit weblog dus.

 

Een aanvraag om voor mijn boek een literaire beurs van de provincie West-Vlaanderen te krijgen, werd in de lijn van de verwachtingen geweigerd. Bij het VFL en het NFL heb ik niet eens geprobeerd. Het vlees is haar is modern schelmenproza van de meest hilarische soort, bij momenten nogal wrang en vrank. In het boek wordt, om te lachen, met alles en iedereen gelachen, wat automatisch betekent dat het ook een heel serieus boek is, want humor is de overtreffende trap van ernst. Humor kan immers niet bestaan zonder een flinke scheut mensenkennis en een helder besef van wat er in onze samenleving omgaat. Soit, kolder vinden de lieden die de literaire portemonnee beheren niet geinig. Literatuur is immers een ernstige zaak, en met ernst wordt bedoeld de ernst die zich nooit riskeert op de steile, wankele trap van de spitse humor, die op een bewaakt of onbewaakt moment al eens naar de lezer zijn ballen grijpt. Het zij zo. Mensen mogen denken wat ze willen, ik denk het mijne. Ieder zijn meug, zei de boer, en hij at paardenkeutels voor vijgen. Ik zit nog niet zo lang, maar toch al lang genoeg, in dit vak om te weten dat een schrijversbeurs wel of niet krijgen weinig te maken heeft met literaire kwaliteit. En het is niet omdat ik voor Poëzierapport wel een subsidie ontving dat ik die woorden zal inslikken. Geïncorporeerd worden door het bestel en daardoor niet meer vrijuit mogen spreken of schrijven? Nooit!

11:50 Gepost door philip hoorne | Permalink |  Facebook | |  Print | |

De commentaren zijn gesloten.